De sociale constructielieden

1

Het is kwart voor zes. De vogels zijn in Afrika en niet te horen vanaf hier. Donny schrikt wakker onder het geluid van de ontsluimeringsjingle die nog geen twee seconden na het trillen van zijn telefoon haar intrede maakt. Hij slaakt een zucht en maakt zich klaar voor het dagelijkse dilemma: Nog een paar minuten het comfort van zijn deken, of de garantie van een fatsoenlijke douche? Zijn vederen laken is niets minder dan elysisch, maar hij kan er niet tegen om zijn ontspanning te moeten nuttigen met haastgevoelens, dus hij staat spoedig op en strompelt naar de badkamer. 

De tijd die het water nodig heeft om op te warmen besteed hij aan het legen van zijn blaas. Vervolgens kijkt hij in de spiegel. Niet slecht. Hij steekt zijn hand uit om de temperatuur te meten, port zijn schouder onder de centrale straal en draait in een kwieke beweging zijn lichaam om zo snel mogelijk bedekt te zijn in warmte. Het is heerlijk. Hij kan zich zelden zo ontspannen. 

2

De eerste bus is rustig en stopt vlak voor zijn huis. De enkele mensen die er zijn steken hun hand uit, gaan geduldig op de stoep staan en vormen een nette rij naast de voordeur. De tweede bus doet Donny reflecteren op de aard van de mens. Deze bus heeft namelijk meer reguliere reizigers dan zitplaatsen. En de reguliere reizigers weten dit. De reguliere reizigers weten óók dat ze allemaal naar het industrieterrein aan de andere kant van de stad gaan en er het komende kwartier niemand uit zal stappen. Er is hier geen rij. Geen voordeurregel. Geen beleefdheid. Het is overleven. Dan maar een klootzak; je zit ten minste. De bus komt aan en de horde drukt zich tot de rand van de stoep op de plaats waar zij denken dat een deur gaat eindigen. Donny doet er niet aan mee, maar wordt wel boos op de mensen die dat wél doen en daardoor neemt hij stiekem tóch deel aan het schouwspel. 

Hij is de laatste die uitstapt. Een korte tien minuten scheiden hem van de zaak. Hij kijkt naar de maan, zoals mensen al miljoenen jaren doen, en realiseert zich dit, wat hem blij maakt. Er is een gebrom te horen aan zijn zijde en hij beseft zich al snel dat dit de auto van zijn collega is die hem de laatste driehonderd meter wel een lift wilt geven. Hij stapt in, stapt uit, opent de voordeur en loopt linea recta naar het koffiezetapparaat.

3

'Zwart of bruin?'
'Kun je niet beter puur of met melk vragen?'
'Bespeur ik wat racisme daar?'
'Wat, nee, ik probeer juist bewustzijn te creëren.'
'Door rassenproblematiek aan te kaarten wanneer ik je een bak pleur wil schenken?'
'Door te letten op ons taalgebruik, zodat we niemand kwetsen.'
'Dus noem je zwarte koffie maar "puur"? En bruine koffie "Met melk"?'
'Ja, dat is toch netjes?'
'Nouja, als we dan toch al op de etnotrein zitten, is dat niet een tikje grof? De zwarte "púúr", onverstoord, wild, niet geciviliseerd, de andere bruin omdat er melk aan is toegevoegd. Melk, een product dat pas bestaat vanaf het moment dat men boeren gaat. Een product van samenleving, verfijning? Weet je wel niet hoeveel slavenmeesters hun onderdanige lichamen gebruikten om bruine kinderen mee te maken? Zou je daar ook zeggen dat er gewoon "wat melk" bijgegoten is? Wil je nog wat koloniesuiker om het een extra zoet verhaal te maken? Jij naar mens.'
'Nou, Jezus, man, ik wilde gewoon even wat aandacht richten op onderdrukking. Is toch niks mis mee?'
'Jezus, man!? goedheilig aandacht voor onderdrukking vragen en Jezus zeggen in dezelfde zin? Hoeveel zielen zijn er geradbraakt voor die armzalige timmerman? Ga zeep pakken voor die waffel van je. Aandacht voor onderdrukking. Bah. Wat ga ik leren over onderdrukking door jouw semantische krampachtigheid?'
'Ja dat is echt precies wat een blanke man zou zeggen natuurlijk. Doe maar weer alsof je dom bent.'
'Wederom, racistisch.'
'Maar dat is niet eerlijk, want de witmang heeft racisme, iets dat niet echt is, echt gemaakt, en nu mag je ineens niet meer doen alsof racisme echt is gemaakt, ook al zou het dat niet moeten zijn.'
'Wacht. Nog een keer, 'tis vroeg.'
'Blanke mannen doen soms echt dingen omdat ze blanke mannen zijn, ook al betekent dat niet dat alle blanke mannen zo denken. Maar als we dat niet kunnen adresseren zonder dat iedere bleekhuid op de teentjes is getrapt kunnen we daar geen verandering in brengen, of wel? Dan predikt de slavenmeester anti-racisme en verschuilt hij zich vervolgens alsnog achter zijn pigment.'
'Maar de benadrukking houdt het eveneens in stand.'
'Dat is het grote dilemma van onze tijd, makker.'
'Dus wil je melk of suiker in je koffie?'
'Nah, geef me gewoon een goeie mok negerbonen.'
'Dát helpt wel in het streven naar je egalitaire utopie denk je, ja?'
'Hoe sneller we erom kunnen lachen, des te sneller we het achter ons kunnen laten, ben ik bang.'
'Ik vrees dat humor enkel beledigend werkt tegen het decor van wezenlijke oneerlijkheid.'
'Nou een loonsverhoging zou daarom ook geen kwaad kunnen lijkt me.'
De rest van de lui sjokken naar binnen, mopperen een "Mògge" eruit en nemen plaats aan de harde plastic tafel in het midden van de kantine. Ze moffelen nog wat af over het metselen van vertrouwen in perifere gebieden, diasporapsychologie en het aanspijkeren van sociale raamwerken eer ze hun broeken ophijsen, riemen aanspannen en beginnen te waggelen richting de loods.
'Motte we de mc4 nog aanvullen of?'
'Kan nooit kwaad om even te kijken.'
'Nee dat snap ik, maar ik denk ik vraag het voor de zekerheid, scheelt toch alweer tijd. En tijd is leven.'
'Maar zintuigelijke observatie kan geen garantie bieden van een adequate empirische standaard.'
'Daarentegen heeft mijn observatie geen nut in een vacuüm, dus zal hij gedeeld moeten worden eer het een werkbaar fenomeen kan zijn voor ons onderlinge verbond.'
'Vandaar communicatie als ruimtelijke brug tussen onze afgescheiden breinen.'
'Ai, maar laten we niet weer over de feilbaarheid van communicatie hebben, het internet heeft nog vele uren mee kunnen genieten van mijn opgekropte meningen vorige week. Jullie hebben me echt een beetje gek gemaakt hoor.'
'Je maakt jezelf gek, makker. Daar hoeven wij weinig voor te doen.'
Een groot stuk aluminium rails zwenkt en bungelt boven brede schouders en vindt zijn weg naar het imperiaal dat bevestigd is op het dak van de bus. De RSS beslaat de ene helft, de uitschuifladder de ander. Forklifts en heftrucks glibberen behendig door de stellages om iedereen van zijn desbetreffende pallet te voorzien. Platkopschroevendraaiers, toeloes, twee-tot-zeskwadraat kabels, aardeoogjes en tie-wraps worden vergaard onder het kabaal van house muziek. 
'Nog ff liffie erachter en dan kennen we, nie?'
'Joa, joa. Hoewel ik nog even naar binnen ren voor een laatste bakkie. Jij?'
'Neuh, dankje, anders ben ik zo weer de halve dag aan het sproeipoepen.'
'Slappe darmen heb je ook.'
'Met dank aan mijn vriend ja.'
'Nouja, zolang je het maar gewillig ondergaat.'
'Oh jawel hoor, dat wel.'
'Gelukkig. Nouja, dan maar een bakkie pleur minder hè.'
'Ja, je mot er wat voor over hebben.'

4
De loods maakt plaats voor het teer dat na enkele T-splitsingen en opritbochten een snelweg wordt. De kolonne van rode kofferbakogen dendert voor ze uit terwijl de witlichtlampen links van ze blijk geven van tegenliggers. Rechts van ze komt gestaag de zon in zicht. Stralen van de dageraad kleuren weilanden omringd door sloten en onthullen schapen en koeien die grazen en loeien. In de verte raast de eerste blauw-gele burgerrups van de ochtend, evenredig aan de autobaan. Wolken drijven haast decoratief boven de polderdelta en beloven weinig onheil. Vrolijke licks en riffs van The Smiths vergezellen hen door middel van een blauwe-tand-verbinding. 
'Het land ligt er mooi bij.'
'Het is een mooi land.'
'Een mooie aarde.'
'Zeker.'
'Het is meer dat je "Een land" zei, maar het is gewoon aarde natuurlijk.'
'Gewóón aarde? Administratief opgedeelde aarde voor het vergemakkelijken van monetaire distributie en het verzegelen van een geweldsmonopolie tegen druk van buitenaf om de historische ketting van geweld voort te zetten en te beteugelen bedoel je? Het is niet zomaar uit de lucht komen vallen, hè.'
'Nee, oké, maar een verklaarbaar verleden hoeft geen reden te zijn voor een gebrek om te willen veranderen.'
'Dus wat wil je daarmee zeggen?'
'Misschien moeten we zo min mogelijk proberen te praten over landen, en ons meer richten op onze gedeelde grond waar we, ongeacht de woorden van grootgrondbezitters en generaals, allemaal even veel recht op hebben.'
'Gewoon doen alsof het niet bestaat? Moeten we niet juist de zwaktes van het systeem blootleggen bínnen het systeem, om het zo langzaamaan te ontmantelen?'
'Waarom denk je dat de VN een veiligheidsraad heeft van vijf supermachten?'
'Ik neem aan dat je niet wacht op mijn oprechte antwoord, maar er al eentje klaar hebt liggen.'
'De zwakte van het systeem is reeds bekend. Het is geen mysterie meer. Mensen zijn zich er al dusdanig bewust van dat het een cliché geworden is er nog over te spreken. Maar toch proberen veel partijen het om die algemene onvrede te herleiden in hun ideologische baan. Mocht je echter echt iets willen veranderen, dan is er altijd een veto die nee zegt. Heb je ooit van Israël gehoord?'
'Oh nee, hier gaan we weer.'
'98% van de wereld stemt tegen de ontmenselijking van Palestijnen en hun systematische uitmergeling binnen kamp Herzl Ben-Gurion. Iedereen is zich bewust. Niemand gaat iets doen.'
'En jouw ontkenning van landen gaat dit probleem wél verhelpen?'
'Nee, ik leef nog geen honderd jaar, dus zoiets ligt buiten mijn bereik. Maar kunnen we het er op zijn minst over eens zijn dat deze onzin nooit was gebeurd, hadden er geen fantastische bevolkingsclaims op een kuststrook van de Middellandse Zee bestaan?'
'Ja what if, what if, als het anders was dan was het anders.'
'Maar dit is nog steeds de drijvende factor achter het hele grapje, omdat iedereen doet alsof het op waarheid gebaseerd is. Landen bestaan door geweld, perpetueren zich door middel van geweld, maar moeten als entiteiten geweld schuwen om nog in aanmerking te kunnen komen voor een menselijkheidsmedaille. De democratie is niets behalve het grootkapitaal dat zich verschuilt achter de instemming van een misleid volk. Ook al zijn we in principe wijs, rijk en gevorderd genoeg om iedereen in hun basisbehoeften te voorzien. Er is geen noodzaak meer tot landen. Het zijn uit de kluiten gegroeide plantages in een tijd die zegt voorbij slavernij te zijn.'
'Zo zeg jij, zo zeg jij. In ieder geval zijn we op locatie beland. Dus genoeg over Israël en de slaven, laten we aan de slag gaan.'
De buurt waar ze aankomen hebben ze vaker gezien. In andere steden. Het was de lieden jaren geleden al opgevallen dat Nederland bestond uit vrij identiek opgebouwde barakkenkolonnes die als onderdeel van een copy-pasta-planologie door het land waren gekwakt en moesten fungeren als woonwijken. De gegoede burgerij beschikte zo nu en dan nog over architecturale autonomie, maar klootjesvolk woonde in kluitjeswoningen als dit. Identieke rijen van bakstenen bouwpakketten om een modaal leven in uit te zitten. Omringd door de rest van het bevoorrechte gepeupel dat een heus huis kon veroorloven. De lieden zelf mochten God op hun versleten knieën danken dat ze een flatje hadden om hun hoofd ten ruste te leggen, maar dat deerde ze niet om iedere dag eerder op te staan dan de huizenbezitters en harder te werken dan zij bereid waren te doen. 
Ze parkeren de bus voor het huis, groeten de stratenmakers aan de andere kant van de weg en bellen aan.
'Mogge mevrouw, wij zijn de monteurs. Mijn naam is Koen.'
'En ik ben Donny.'
'Goeiemorgen, mannen! We verwachtten jullie al inderdaad. Zal ik maar wat koffie inschenken alvast dan?'
'Nou, weet u wat, dat klinkt me dan wel lekker na zo'n lange rit.'
'Of niet, dat hebben we wel verdiend denk ik dan.'
Het huis is van binnen wittig geschilderd, met rechte lijnen in het keukenmeubilair en glanzend granieten bladen die fruitschalen en osmosemachines ondersteunen. Er hangt een asbtract schilderij dat door een kennis is gemaakt en twee i-pads liggen gebruiksklaar naast de hoekbank. 
'Hebben jullie iets erin? Melk, suiker?'
'Beide graag, dank u.'
'Voor mij graag een theetje.'
'Ah, ook een goede keus. Wat wil je? Ik heb rooibos, sterrenmunt, earl grey...'
'Rooibosje klinkt goed.'
'Willen jullie misschien een koekje erbij?'
'Mevrouw, het is alsof u mijn gedachten leest.'
'Zeven!' Roept de vrouw ineens.
'Hm?'
'Dat is het getal waar je aan zou hebben gedacht als ik je had gevraagd om aan een getal te denken.'
'Wow...'
'Ja... Eng hè?'
'Eng durf ik niet te zeggen over dat wat ik niet begrijp. Maar opmerkelijk was het zeker.'
'Ik heb mokkakoekjes, kano's en bastognes. Enige voorkeur, of zal ik het allemaal opschotelen?'
'Joah, stuur maar door hoor, dat komt wel goed. Heerlijk.'
'Há, ja ik kom zelf uit Limburg, en mijn ouders hebben me vroeger geleerd: wees altijd goed voor werklui als je ze over de vloer hebt. Die hebben het nodig.'
'Ja plus als je het niet doet dan slopen ze je huis en jij kunt het zelf niet maken natuurlijk.'
'Ja precies, haha.'
'Veel werklui in Limburg?'
'Niet meer, maar vroeger wel. Voor de mijnen dichtgingen,' zegt de vrouw met wat treur.
'Al die stoflongen en kankergezwellen zodat de rijken lekker heen en weer kon tjoeken in hun treintjes en hun paleizen warm konden houden,' moppert Koen.
'Wat een helden, die koempels,' vult Donny hem aan.
'Haha, koempels zelfs! Je weet ervan?'
'Ik heb er wel wat over gelezen een keer. Limbabwanen zijn voor Hollanders een beetje wat de Apalachianen zijn voor de Yankees.'
'Juist...'  
'Rijkemansbrandstof. Weg-te-gooien lichamen en levens van minderwaardige armoedzaaiers.'
'Oh...'
'Ja, ook tekenend dat we ze eerst kapot hebben gewerkt, toen hun werkplaatsen hebben gesloten zonder ze fatsoenlijk op te vangen of om te scholen en ze nu belachelijk maken als achterlijke criminele accenthebbende quasi-belgen. Het is makkelijk om af te geven op het gepeste kind, of niet? Arme provincie dat.'
'Nou, je zegt het wel sterk, maar ik moet je wel gelijk geven ook hoor. Mijn familie had wel een paar mijnwerkers erin, en die tak is toch wel echt achteruitgegaan sinds het sluiten. Veel drugs.'
'Het medicijn van de uitzichtloze wanhoop.'
Het is stil. Er worden koekjes gehapt. Slokjes genomen. Voeten gestoot. 
'Dus ehh. Hoe lang doen jullie dit werk al?'
'Ik nu een jaar of tien.'
'Jaartje.'
'Jullie moeten het wel druk hebben.'
'Zeker, zeker.'
'Weinig vaklui op het moment of niet?'
'We speuren alles af op zoek naar fatsoenlijke handjes.'
'Dat kan ik me wel voorstellen ja.'
'En u? Wat doet u zoal in het dagelijks leven?'
'Ik werk in het ziekenhuis. Op de IC.'
'Ah, dan zult u alles weten van een gebrek aan personeel.'
'Breek me de bek niet open.'
'Alle dankbaarheid voor de zorghelden behalve financiële compensatie of hoognodige vakantiedagen.'
'Nee, geld lost helemaal niets op in die situatie, Donny. Kop op, twee minuten applaus die je niet hoort omdat je tot je nek in de beademingsapparatuur staat is wat een mens nodig heeft om te kunnen leven met uitputting en chronische onderwaardering. Wat gaat een paar duizend euro daaraan veranderen?'
'Dat is het 'm hè? Jullie geven te veel om jullie werk, en zonder jullie sterven er mensen, dus kunnen ze je tot het uiterste drijven op het absolute minimale. Ga jij mensen laten sterven omdat je een paar honderd euro per maand meer wilt? Een paar honderd euro? Is dat een mensenleven waard? Vindt jij dat ja? Dat is wat je zegt door te staken. Ik ben gierig en mijn patiënten kunnen me niet schelen.'
'Precies,' knikt de vrouw.
'Wat ironisch is omdat de heiligheid van het leven en de nobiliteit van genezers via die argumentatie zowel de reden is dat je meer zou moeten krijgen als de reden dat je niet mag klagen over je erbarmelijke omstandigheden.'
'Er is niet genoeg geld zeggen ze dan.'
'Yep. En in de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië was Indië "de kurk waarop Nederland dreef". En toen de Amerikaanse slavenhouders werd gevraagd of ze even wat minder inhumaan wilden doen was dat onmogelijk omdat "King Cotton" anders in zou storten. Er is schijnbaar nooit genoeg geld, ook al hebben een paar lui de helft van de welvaart in hun klauwen. Wat het eigenlijk betekent is "We kunnen niet eerlijk zijn want god behoedde ons straks zijn we nog gelijken in een wereld gereserveerd voor massa-exploitatie".'
'En dan hebben we het in Nederland nog goed,' knikt de vrouw.
'Helemaal waar, maar laat me u vragen, hoeveel heeft u betaald voor onze werkzaamheden vandaag?'
De vrouw kijkt een seconde bedenkelijk, maar een zeker vertrouwen doet haar antwoorden.
'Drieënvijftighonderd.'
'En dan te bedenken dat wij hier ongeveer een dagje bezig zijn. Met een beetje geluk zijn we met een uurtje of zes zelfs al klaar.'
'En moet u gokken hoeveel wij daarvoor vangen.'
'Driehonderd?'
'Tachtig.'
'Driehonderdtachtig?'
'Nee. Tachtig.'
'Maar al het materiaal zal ook wat kosten, niet?'
'Yep. Maar geen drieënvijftighonderd. Er moeten heel veel mensen mee-eten van ons werk.'
'Ook wel logisch, er moeten afspraken gemaakt worden en verkopen gemaakt natuurlijk.'
'Natuurlijk? Zo zie ik het niet. In mijn optiek hebt u een huis en moest daar iets aan gebeuren. Daarom zijn wij hier. Omdat wij kunnen uitvoeren wat er mot gebeuren. Er is een noodzaak en een oplossing, dat zijn jij en wij. Ons marketing en verkoopteam zorgt er alleen maar voor dat iemand anders profiteert van ons ergens heensturen. Dat het onze baas is in plaats van een andere baas die profijt opstrijkt van ons arbeid. Om nog niet eens te beginnen over flexwerkbureaus.'
'Maar jij kiest er ook voor om in loondienst te gaan, niet?'
'Dat is waar, daar heeft u gelijk en deels draag ik ook verantwoordelijkheid voor mijn situatie, maar toch heb ik het idee dat we de samenleving an sich veel beter in zouden kunnen richten om deze problematiek te omzeilen.'
'Hoe dan?'
'Door ons te richten op het verrijken van de mensheid in het geheel in plaats van het individu. Mensen hebben recht op een huis en huizen behoeven onderhoud. Niemand hoeft te profiteren van deze noodzaak behalve de mensen betrokken bij het oplossen van het probleem. Tuurlijk, als je dit nationaal regelt heb je nog steeds een administratief team nodig of een algoritme met IT-ers om te zorgen dat klachten en wensen ook werkelijk terechtkomen bij werklieden, maar dat is een fractie van de lui die nu achter een bureau zit. Er zijn zoveel onnodige lagen vet op het varken gegroeid dat duizenden mensen hun tijd verspillen met onderling bikkeren over aanbestedingen die aan het eind van de dag sowieso uitgevoerd moeten worden.'
'Klinkt een beetje communistisch.'
'Als dat het is dan is dat het. Ik probeer iets eerlijks te bedenken, het kan zijn dat het al een naam heeft.'
'Ik heb wel wat fooi voor jullie straks anders. Om de welvaart een beetje te herverdelen.'
'Nee, nee, dank u, dan zou ik me een schooier voelen. Ik wilde mijn gedachten en frustraties kwijt, geen speciale behandeling vanwege mijn vermeende zieligheid.'
'Hij is een trotste knul hè, die Donny,' lacht Koen naar de vrouw.
'Ik snap het wel hoor. Jullie doen werk waar de meeste mensen te belabberd voor zijn, maar jullie zijn degenen die onderbetaald krijgen. Het is ook gewoon oneerlijk.'
'En dan wel het lef hebben om te vragen of wij in het weekend ook ff wat komen sleutelen bij hen thuis als er iets mank is.'
'Hebben ze dat alwéér gedaan, ja? Há!'
'Ik ga toch ook niet hen in het weekend vragen om ff mijn belastingaangifte in te vullen, of mijn tante te bellen? Maar als er iets kapot is in huis dan kennen zij wel een mannetje hoor. Eerlijk, Don, ik doe het met liefde hoor, maar soms...'
'Maar goed dat wij minder belabberd zijn dan die kantoorzwammen dan.'
'Gelukkig wel.'
'Zullen we dan maar, Don?'
'Joa, is goed.'
'Hartelijk dank voor de versnaperingen, mevrouw.'
'Nou graag gedaan hoor, jongens.'
Ze stappen in hun stalen neuzen en baggeren naar buiten. De tegelmeppers zijn enkele meters verder. Biceps als bovenbenen, nekken breder dan stieren. Schuin tegenover zijn nu ook een paar timmerlui begonnen aan hun klus. 
'Da's wel interessant eigenlijk hè, Koen?'
'Wasdà?'
'Dat het beroep pooier eigenlijk enkel bestaat bij gratie van andere pooiers.'
'Pooiers zijn de staat van de hoeren.'
'Ja, precies ja. Je hebt een prima bron van inkomsten die volledig in jouw beheer ligt, maar vanwege het gevaar van verkrachters behoef je een exploitant die in ruil voor jouw harde werk zichzelf een comfortabel leven verschaft drijvend op de zielige waarheid: "Als ik niet zo'n verkrachter was, dan was je allang verkracht."'
'Uh-huh,' neuriet Koen.
'Uitzendbureaus zijn pooiers. Ze bieden je als makkelijk af-te-danken sletje aan bedrijven aan, doen vervolgens geen ene mallemoer meer, maar rooien wel wettelijk bepaald minimaal jouw salaris iedere maand. Je lichaam wordt gewoon gezien als tandwieltje. Er lopen anderhalf miljoen van die hoertjes rond in Nederland. Wist je dat? Anderhalf miljoen. Dat zijn een hoop hoertjes, of nie, Koen?'
'Mannen ontlenen hun bestaansrecht aan het bestaan van andere mannen tegen wie beschermt dient te worden.'
'Waardeloos geslacht eigenlijk hè.'
'Eigenlijk wel, maar dat is nu eenmaal de weg naar voortplanting, en uiteindelijk kennen we hoog springen laag springen, maar bevrucht worden willen vrouwen vroeger of later vaak wel, en de helft van alle huwelijken houdt stand, dus volledig waardeloos kunnen we niet zijn.'
'En sommige mannen vallen ook op mannen.'
'Dat ook.'
Koen grijpt de hendel. Het klikt en beweegt. De schuifdeur aan de zijkant van de bus vliegt naar achter. Gereedschap en andere benodigdheden worden gepakt en uitgestald in de voortuin. Easy-rollers voor kabeltrajecten, reciprozaag, haakse slijper en een bosmaaier voor opstandige overwoekeringen die toegang tot de kruipruimte kunnen hinderen. Op het dak van de wagen staat Donny te dansen tussen de treden van de ladder. Hij ontknoopt de touwen en verlost de valbeveiliging van zijn houdgreep. Hij tilt een poot op, draait hem boven zijn hoofd en kantelt hem over de rail richting zijn collega die op de grond staat.
'Zet ff die radio alvast aan dan, Koen.'
'Joah, joah, rustig aan, jonk. Ik kan ook nog wel even een paar minuten zonder dat kattengejank van jou met ieder nummer waar je vaag de melodie van herinnert.'
'KOEEEEEENIEEEEEE!'
'Oh god...'
'Mijn LIEEEEFSTE Koeeeeehoehoenieeee!'
Koen kan het niet verhelpen te gniffelen.
'Mooiste Maaaaan fan me Droooohooomèèèè!'
'Is het niet "'kwil met jou alles delen"?'
'JA-LA-LAAA-LA-LA-LAAAAAALAAAAA!!!!'
'In alle eerlijkheid een prima plaatsvervanger voor vrijwel alle Nederlandstalige nummers.'
Een vuilniswagen rijdt voorbij. De werknemers knikken naar elkaar met het begrip dat motorrijders hebben wanneer ze elkaar tegenkomen onderweg. Maar dan omgekeerd, want dit is verre van de freedom of the road. 

'Ik ben helemaal niet zo blij met mijn mannelijkheid,' zegt Donny bij het overhandigen van de tweede poot.
'Wat is er mis met jouw mannelijkheid dan?'
'Weet ik niet. Het is te mannelijk.'
'Wat lul je?'
'Nou niet zo veel meer de laatste tijd dus. Want ik ben veel te mannelijk.'
'Wat?'
'Ik voel me eenzaam.'
'En je dacht 'tis dan lekker makkelijk om het op te hangen aan een fenomeen dat je deelt met de halve wereldbevolking?'
'Joa.'
'Knap dat je het toegeeft, sneu dat je het vindt.'
'Ik probeer er ten minste aan te werken.'
'Iets een naam geven staat niet gelijk aan werken aan een probleem.'
'Maar het kunnen identificeren van iets en het benoemen daarvan is wel essentieel voor het in kaart brengen van een probleem, en dus ook de oplossing.'
'Leuk allemaal, maar je grote bek niet kunnen houden en je fatsoen vergeten is makkelijker te verhelpen door gewoon je bek te houden en na te denken voor je spreekt dan door een cultuurhistorische dissertatie over jouw interpretatie van een fenomeen.'
'Dat weet ik nog zo net niet.'
'Oké, succes met minder mannelijk worden dan.'
De mannen koppelen de lift af, stallen de poten uit, tillen de bak op, bevestigen de pinnen, sluiten hem aan op de haspel, schuiven de arm uit, laden hun spullen, maken plaats voor de ladder tegen de goot, duwen een pan omhoog, bevestigen de derde trede aan de lat met een spanband, stappen het dak op en klimmen naar de kapel om hun welverdiende lunch te nuttigen. 

5

Af en toe ronkt de lucht om hen heen ten gevolge van bijzonder laagzwevende vliegtuigen die voorbijsuizen op weg naar het hol der schepen, wat de mannen kinderlijk in hun richting doet turen. Het uitzicht is sereen. De hemel schijnt zonder de ogen te prikken. Om hen heen strekt de stad zich enkele kilometers uit in iedere richting. Ze speuren de omgeving af met een stille glimlach en belanden uiteindelijk met hun ogen voor het huis waar ze zien dat de klinkerboeren halverwege hun project zijn. 
'Én? Wat denk je?'
'Nou, kom op, Koen, we hebben pauze.'
'...'
De mannen eten zwijgend tot de pauze zijn einde bereikt.

6
'Oké, als jij even alles uitmeet en intekent dan kunnen we zo beginnen met een prognose stellen.'
'Prima, als jij dan foto's kunt schieten hebben we ook nog iets om op te reflecteren later.'
'Ze spreken duizend woorden zegt men, dus dat kan ons een hoop arbeid schelen inderdaad. Goed idee, Don.'
'Toch merkwaardig hoe een derde-partij-getuigenis van ons bestaan zoveel los kan maken.'
'Het benadrukt zo fijn de verschillen tussen iets weten en iets realiseren.'
'Hoe bedoel je?'
'Weten is passief, realiseren is actief. We weten allemaal dat we sterven gaan, maar er is een overlijdensgeval of bijna-doodservaring voor nodig om het ons te doen realiseren. Zo ook met foto's. We weten altijd dat we zijn en dat we er zijn, maar de realisatie blijft doorgaans uit. Voor ons eigen bestwil ook lijkt me. Het leven zou vrij panisch worden als we constant volledig bewust waren van onze spirituele manifestaties en hun onvermijdbare verwelking.'
'Ja, op die manier. Ik dacht het is voornamelijk het tijdmachine-aspect dat zo'n effect geeft. De kick van een directe confrontatie met het verleden.'
'Wat is het verleden anders dan een getuigenis van het feit dat je leeft? Dat je bent? Dat iets heeft bewogen?' roept Koen naar zijn collega die halverwege het dak heftig met zijn krijtje in de weer is.
'Een fijne herinnering? Soms word ik ook gewoon blij van een foto doordat ik een bekende erop zie.'
'In essentie is dat niet anders.'
'Ja, maar in essentie kun je alles waar wij over spreken reduceren tot een vergelijkbaar fenomeen, al was het maar bij gratie van onze gelimiteerde gedachtenmachines die niet kunnen bedenken wat wij niet bevatten kunnen.'
'Ja, oké, maar vanaf die ultieme algemeenheid kun je wel een aantal divisies aan vergelijkbare werelden onderscheiden. Alles lijkt op elkaar want het is allemaal deel van dat wat wij alles noemen, maar alsnog kan ik in wezenlijke zin succesvoller overeenkomende doelen bewerkstelligen met een hamer en een baksteen dan met een droge spaghettisliert en een schoenveter.'
'Al die afbakeningen en scheidslijnen zijn echter arbitrair en ontlenen hun waarde niet aan een objectieve realiteit. Het zijn jouw regels,' roept Donny naar zijn collega.
'En ik ben geen object?' Reageert Koen boos.
'Nou, ik bedoel-'
'Probeer jij me nou te dematerialiseren hier? Word ik hier godverdomme gewoon even op mijn schijnbaar-exclusief-metaforische vingers getikt? Ontken jij mijn fysieke gedaante nou, Donny?'
Donny is een beetje geschrokken en reageert vluggetjes:
'Nee, nee, dat niet, Koen, maar ondanks onze werkelijk wereldlijke massa bezitten we ook allemaal een brein dat ons fopt te geloven in het eigen gelijk. Als we elkaar zowel in waarde willen laten als serieus nemen moeten we compenseren voor deze inherente vooringenomenheid. Vandaar dat ik subjectief en objectief gebruik. Jij bent een object, maar jouw status als object verleent je geen autoriteit als bron van objectieve kennis, aangezien ik evengoed een object ben, maar wij klaarblijkelijk niet altijd elkanders gelijk zien.'
'Daar kan ik het dan weer wél mee eens zijn,' lacht Koen hartelijk. Hij heft zijn telefoon en richt die op Donny, die de lens begroet met een grimas. 
'Willen jullie misschien nog wat koffie zo, heren?' roept de vrouw van beneden. 
'Ik behoef wel wat meer boon voor mijn loon ja. Lekker.'
'Als u het langzaam aan aanzet dan komen wij er zo aan, mevrouw!'
'Oké, tot zo!'
De timmermannen zijn hun steiger af aan het bouwen. Het moet een makkelijke klus geweest zijn. De stoepknoerten zwoegen aan hun laatste loodjes. De lieden klauteren onder de nok over de pannen langs het raam richting de goot en stappen op de ladder. 
'Wat een dag vandaag zeg.'
''Tis en blijft zwaar werk, Don. Dà mot je nie vergeten.'
'En of.'
Beide mannen staan weer met hun voeten op de aarde.
'Hé, trouwens,' Donny halt Koen voor de drempel.
'Hm?'
'We hebben nu die 4kwadraat in plaats van de zes in verband met de omvormer in combinatie met die b-16 bedacht hè, maar verandert dat dan ook iets aan de lus boven en hoe we dat met die patch gaan doen?'
'Wat? Nee.'
'Oh, oké.'
'Waar haal je dat vandaan?'
'Geen idee. Ik geleid gedachten en mijn mond maakt ze kenbaar, maar qua inhoud ben ik praktisch ontoerekeningsvatbaar.'
Ze trekken hun schoenen uit en kijken even in de spiegel onderweg naar de woonkamer. Donny ziet er goed uit, al denkt hij het zelf. Een echte arbeider. Hij is trots op zijn lichaam. Het lichaam dat zulk werk voortbrengt. Hij slaat een paar keer demonstratief op zijn buik.
'Daar zouden die marketingpapzakken nog een puntje aan kunnen zuigen.'
'Ze zuigen niks tenzij er suiker aanzit, Don. Dat weet jij ook.' 
'Zoetpratende gladjanussen zijn het.'
'Hé, het zijn en blijven wel mensen hè.'
'Dà's waar, ga ik ook niet disputeren. Maar soms moet ik even wat gal kwijt. Ik zou het ze niet kwalijk nemen als ze op kantoor dezelfde modder rondslingeren over ons op sombere dagen.'

De vrouw zet twee bakken pleur neer en tovert de koekjes wederom tevoorschijn. Ditmaal is er zelfs een kommetje met fruit.

'Mevrouw, zo goed behandel ik mezélf niet eens. Wat een service. Dank u.'
'Je kunt niet de hele dag teren op een broodje kaas, hè. Je moet ook denken aan je micro's.'
'U zult het weten. In dat geval pak ik wel een appeltje.'
'Ga je gang, daarom heb ik het neergezet. Wil jij ook wat?'
'Nee, dank u. Ik zit goed.'
'Ook goed. Lukt het verder een beetje allemaal?'
'Ja gaat wel lekker.'
'Hier en daar loop je wel tegen wat problemen aan op zo'n klus natuurlijk, maar het is niets dat we niet op kunnen lossen met zijn tweeën.'
'Dat is goed om te horen. Als jullie het niet erg vinden, ik ga even squashen, dan ben ik over een uurtje of twee wel weer terug hoor, maar dat jullie tot die tijd even het huis alleen hebben. Hebben jullie mij nog nodig? Of? Kan dat?'
'Oh geen probleem hoor, mevrouw. Dat komt helemaal goed. We hebben u voorlopig niet nodig, alleen aan het eind van de dag om even een krabbeltje te zetten op het opleverformulier. Maar als u zegt twee uur weg te zijn dan lukt dat wel.'
'Ah geweldig. Nou, dan pak ik mijn spullen en zie ik jullie strakjes weer.'
'Is goed, tot straks.'
'Yoo.'
De voordeur klikt dicht. Koen pakt nog een stuk appel. Donny loopt met zijn mok en een licht gevoel van bewondering door het rijtjeshuis. Zo eentje woonde hij vroeger ook in. Als kind. Met zo'n aankomsthalletje en een spiralende trap naar boven. Hij herinnert zich hoe hij vroeger vaak op zo'n trap naar zijn kamer rende wanneer het te rumoerig werd beneden. Nu had hij een enkele kamer als huis; en kon hij nergens heenvluchten wanneer hem dat even te veel werd. 
'Zo,' zegt koen tevreden na zijn laatste slok bonenbrouw. Hij kijkt naar het schilderij aan de muur en voelt iets dat hij niet uit kan drukken, maar waarvan hij hoopt dat andere mensen het ook ervaren.
'Donny!' roept hij vervolgens door het huis.
'Ja?'
'Pleur op?'
'Yeh.'
'Nog ff beunen?'
'Is dat een oprechte vraag? Heb ik een keuze?'
'Een beetje, maar niet helemaal. Je weet wat ik bedoel.'
'Kom eraan.'

De buitenlucht eist respect in de vorm van gewenning na stilzitten. Het eelt aan Donny's grote teen schuurt tegen de zijkant van zijn ijzeren klomp. De tuin is een puinhoop van jewelste. Tegenover stappen de padplakrakkers op hun dooie gemak in de bus en trekken een blik bier open eer ze optrekken en wegscheuren. Koen zwaait ze na. 

'Hey, Don.'
'Wà?'
'Als je mannen vriendelijk moet verzoeken om alsjeblieft een keer vrouwen toe te laten en ze dan na ellenlang aandringen van die vrouwen doorhebben dat ze meer winst kunnen maken door af en toe een ander chromosoompje in de etalage te zetten als schijnheilig wakkerheidssymbool, heb je dan gelijkheid bewerkstelligt of enkel de regerende elite voorzien van een nieuwe marketingcampagne en ze daarmee versterkt in hun bolwerk dat nooit gaf om identiteit, maar het enkel gebruikte als middel van divisie en exploitatie?'
'Ik denk dat tweede, maar het was niet helemaal een eerlijke vraag, of wel?'
'Ah, nee, maar ik wilde gewoon even weten of ik de vlag uit kon hangen vandaag voor hetzelfde kabinet dat het na 3 keer hetzelfde doen nu toch echt anders gaat doen omdat er meer vagina's rondbanjeren.'
'Ze worden herkozen dus ze doen iets goed zou je zeggen.'
'Als je 1/5e van een volk rijk maakt en de rest onwetend laat over de werkelijke oorzaak van hun armoede, maar ze met elkaar laat strijden om kruimeltjes van het bankiersbanket, is het niet moeilijk om als dominante partij uit de strijd te komen.'
'We hebben ten minste wel meer mokkels om naar te loeren tijdens debatten nu.'
'Ja, da's wel waar. Ze willen ook altijd hakjes dragen want da's deel van regentencultuur natuurlijk, even lang willen zijn als de man; schreeuwt gelijkheid, maar duwt ook lekker die billetjes omhoog.'
'Wat dat betreft is die hele white-man-trying-to-be-woke-man rage wel voordelig voor ons vunzige arbeiders.'
'Meer wijven bovenop ben ik nooit tegen geweest.'
'Kin geheven, tieten omhoog, kut recht. Trots. Fier. Braaf. Geil.'

De mannen genieten even van de naderende gendergelijkheid.

'Goed, als jij boven de kabels uitlegt, dan ga ik alvast wat dingen opruimen hier, want we hebben er weer eens een flinke teringzooi van gemaakt.'
'Chaos is soms noodzakelijk als contrast voor wat wij als orde ervaren.'
'Da's een mooie manier om die troep die hier ligt te verheerlijken, Don.'
'Als je geen orde had om te scheppen zou je gek worden of jezelf doodvervelen. Wees blij dat de entropie toeneemt.'
'Niemand sprak over ontevredenheid, maat. Ik doe het met liefde, maar ik erken gewoon dat het een rommeltje is en neem daarvoor dan ook mijn verantwoordelijkheid.'
'Dat is bewonderingswaardig, Koen. Dat kunnen niet veel mensen.'
'Niet veel betekent objectief niets, Don. Het is relatief aan jouw persoonlijke normering. Je wilt me een compliment geven lijkt het, en ik waardeer je intentie, maar qua inhoud sla je de plank mis ben ik bang.'
'Ik ben ook nooit zo handig geweest moet ik toegeven.'
'Gelukkig kun je met je verstand nog redelijk uit de voeten.'
'Ik wil mijzelf niet op de borst kloppen.'
'Goed zo. Doe dat ook vooral niet wanneer je op de ladder staat,' zegt Koen, terwijl hij zijn collega aan het werk wenkt.

Koen begint gestaag de ditjes en datjes op te pakken die her en der verstrooid liggen over het pittoreske gazonnetje. Op dagen als deze, zonneklaar maar naderend vorstig, beseft hij zich dat hij een zomermens is. Aangezien hij dit als rustmoment ervaart. De winter. Dit is de tijd waarin hij reflecteert op zijn ambities en prestaties. Waar hij 's ochtends wakker wordt met een gevoel van thuis. Van het kind zijn. Misschien is het dan toch de sentimentaliteit van het seizoen dat hem te pakken krijgt, denkt hij. 
Als kleine knul was dit seizoen speciaal voor hem. Hij geloofde er in. Hij was nog niet doorleefd genoeg om zich te kunnen onttrekken aan de willekeur van tijdstipverering, dus de festiviteiten waren "écht". Hij keek altijd uit naar sinterklaas en kerstmis en oud en nieuw. Hij voelde iets werkelijks in zijn borst en kon het aan niets anders wijten dan the holiday spirit, omdat hem dat geleerd was. Zo kreeg hij eind september ook altijd een injectie melancholie door een tigtal exen die hij had opgelopen tegen het einde van verscheidene zomers, om nog niet te spreken over de sensatie van mislukking bij het denken aan hoe hij uren had rondgereden op zijn fiets om maar nie thuis te komen en zijn rapportcijfers te melden aan zijn vader. Het lichaam onthield dingen, of de sterren signaleerden ze, maar iéts van dat "neppe" was écht geworden, dat wist hij wel. 

'Er is geen logische noodzaak, maar ook geen ontkomen meer aan.' 

De woorden dienen als reminder aan het feit dat er een wereld daarbuiten is en dat hij ergens mee bezig was. De achterdeuren van de bus zijn opengeklapt alsof het voertuig hem wilt omhelzen. Boven hoort hij hoe Donny de kabels uitlegt. Een kriebel plaagt zijn huid en legt hem even in een armenwieg. Hij ligt op zijn rug en kijkt naar boven. Ze kijkt op hem neer, aait zijn voorhoofd, werpt hem een ontfermende blik toe en kust hem wederom terug de realiteit in.

'Donny!'
'Wá!?'
'Volgens mij snappen ze het zo onderhand wel hoor!'
'Joa denk'k ook wel eigenlijk. Kom eraan!'

Donny ruimt de kapel op, propt de spullen op de lift, schuift de pannen naar beneden, duwt de valbeveiligingen naar de ladder en klautert ze een voor een naar beneden tot hij als laatst de spanbanden verwijdert en de uitschuiftrap weer inschuift. Op de grond rolt hij de spoelen op, wrapped 'ie de flex bij elkaar en geeft Koen een welverdiende klop op de schouder.

'Lekker gewerkt, pik.'
'insgelijks, kameraad.'

De vrouw komt terug van haar work-out en ziet hoe de lieden hun laatste spulletjes in de bus leggen. 

'Zo, mannen. Jullie werk zit er weer op?'
'Yep. Wat vindt u?'
'Oh joh, ik kan dat zelf helemaal niet zien als ik eerlijk ben. Ik ga zo binnen even kijken of alles het nog doet en zoja dan vertrouw ik erop dat jullie gewoon goed werk hebben geleverd.'
'Ha, nou we zijn er zelf in ieder geval wel tevreden mee. En alles doet het nog hoor, geen zorgen.'

Ze loopt naar binnen, klikt wat elektronica aan en uit, bestudeert haar raamwerk en roept naar buiten:

'Helemaal mooi, jongens! Dankjewel!'
'Geen dank mevrouw, daar zijn we voor.'
'Het kan zijn dat u vandaag nog niet zoveel verschil voelt, maar deze investering gaat zichzelf dubbel en dik terugverdienen in rendement over de komende jaren.'
'Ja en het mocht ook echt wel een keertje gebeuren hoor.'
'Dan alleen hiero nog even een krabbeltje en dan kennen we er weer vandoor.'

Krabbeltje, babbeltje, weg zijn de mannen.

7

De slavenstoet racet tegen de ondergaande zon in een poging hun familie nog te kunnen zien in het daglicht deze maand. Op de radio wordt bekend gemaakt dat er zeven procent inflatie, tien procent koopkrachtdaling, twintig procent hogere energiekosten en een halve procent stijging van het minimumloon zal worden gehanteerd in de verzorgingsstaat. Groningen moet lijden om de moffen warm te houden, maar een man is opgepakt omdat hij persoonlijk de warmte naar een minister had willen brengen. Hij was een gekkie die dacht dat de elite kinderen offerde. Het bericht sloot af met een korte rapportage over de zaak tegen Ghislaine Maxwell.

'Wat ga jij vanavond nog doen?'
'Bijkomen.'
'Lekkere douche pakken?'
'Nah, ik douche altijd 's ochtends.'
'Je gaat vies in bed liggen?'
'Yep. Of ik ben juist éxtra schoon wanneer ik naar werk ga.'
'Perspectief.'
'Het is alles dat we hebben.'
'Ik weet het niet. In zekere zin kun je niet uit je hoofd en ben je niet zeker van de objectiviteit van je eigen waarnemingen, dus zou je kunnen zeggen dat perspectief het enige is dat we hebben. Maar daarentegen observeren wij allen wel een wereld waarmee wij kunnen interageren. We communiceren met elkaar in gebrekkige taal, maar uiteindelijk rijden we hier wel in een bus op een snelweg terug van een digitaal ingeplande klus op weg naar een loods. Dat is niet alleen maar jouw perspectief. Dat is een bevestiging dat we ergens allemaal hetzelfde zien, maar daar een noodgedwongen persoonlijke ingeving aan vastkoppelen.'
'Ik voel me de laatste tijd te veel losgekoppeld van dat gedeelde besef heb ik het idee. Het is alsof de leidende opvatting verder van me afschuift en ik eenzamer wordt in mijn vorm van menszijn. Misschien is het dat ik ontdek hoe het echt zit, misschien is het dat ik mijzelf vervreemd. Het is lastig om over na te denken, want ik wil eigenwaarde behouden, maar ook meegaan met de tijd. Ik kan het echter niet accepteren, Koen. Het lukt me gewoon niet.'
'Gewoon werken en niet te veel bij nadenken, dat werkt het beste.'
'Dat is wat een regent zou zeggen, niet?'
'.Ja, maar ook de contente arbeider. Dat heeft ook met perspectief te maken. En de voldoening van ergens urenlang geconcentreerd mee bezig kunnen zijn zonder te denken aan die arme kindjes in Uganda.'
'Misschien heb je ook wel gelijk, Koen.'
'Kom op, hoe lang doe ik dit werk nou al?'
'Een tijdje.'
'Een tijdje inderdaad. Zie ik er ongelukkig uit?'
'Ja, leuk allemaal, van mij denken ze ook altijd dat ik het zonnetje ben en helemaal heppie de peppie, maar dat is ook niet helemaal waar, dus ik vrees te speculeren over het geluksniveau van mensen. Uitzonderingen daargelaten. Maar in alle eerlijkheid krijg ik niet de indruk dat je bijzonder rancuneus of depressief bent.'
'Da's dus omdat ik mijzelf bezighoud. Dan kan ik helemaal niet miserabel worden. Da's die hele zenverlichtingshtick, toch? Jezelf bevrijden van alle verlangen en enkel nog een zijn met de stroming van het zijn? Je lichaam en geest ervaren als één, gescheiden, én elkaar constant overstijgend? Dat is toch niets meer dan het gevoel van ergens mee bezig zijn? Ergens écht mee bezig zijn zeg maar. Dan wil je toch niets anders? Ben je toch bevrijd van alle andere verlangen behalve het zijn met jezelf en dat wat bestaat? Ik heb nog nooit iemand gezien die meer zen was dan de vastberaden doelbehaler. Transcendentaal haast waar hij de wil vandaan plukte om dag in dag uit te leven naar zijn lot. En de moed die daarvoor nodig is. Om jezelf zo vol overtuiging tegen je innerlijke sprookje aan te gooien in de hoop dat het waar blijkt te zijn. Daar kan iedereen bewondering voor hebben denk ik. Tenzij ze van die misgunnende mietjes zijn.'
'Die zijn er zat.'
'En of.'

Een wolk drijft aan de zon voorbij en geeft haar een laatste kans om deze kant van de Aarde te knipogen, die ze neemt. Het lukt de mannen niet om voor het donker thuis te komen, wat alle elan om de bus op te ruimen ontneemt. Ze doen het morgen wel. Nu eerst naar de andere bus.

Met de gordijnen nog dicht van vanochtend strompelt Donny zijn kooitje binnen, pleurt zijn kloffie op de poef en plaatst zijn reet op zijn bureaustoel. Leeg. Dan maar een joint om te kunnen pretenderen dat hij wezenlijk ontspant. Ook al snoept dat van zijn loon en baart hem dat juist meer zorgen dan de THC hem kan doen vergeten.

Morgen is er weer een dag. En daarna ook. En daarna weekend, maar daarna weer een dag. En dan nog een week, en een maand, en nog jaren daarna zelfs. Zoveel aan de horizon, doch zo weinig om naar uit te kijken, want Donny staat nog altijd in de steigers. 



Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s